Inloggen

Login op de site

Gebruikersnaam *
Wachtwoord *
Onthoud mij

steenuil g

steenuil k

Steenuil, Athene noctua, 21-23 cm, 

Herkenning

De steenuil is met zijn 22 cm. grootte de kleinste uil van Nederland. De bovendelen van deze uil zijn donkerbruin met vele witte vlekken. De onderdelen zijn witachtig met brede donkerbruine strepen. De steenuil heeft een platte kop. Met zijn geelzwarte ogen en de zware wenkbrauwen heeft de steenuil een fel en streng uiterlijk. De steenuil is vaak overdag te zien, waarbij de snelle diepgolvende vlucht goed opvalt. 

Geluid

De steenuil is regelmatig 's avonds te horen. Het geluid lijkt op het blaffen van een klein formaat hond. Bij de zang is dit blafje erg kort en wordt snel na elkaar geuit, zoals in de eerste opname is te horen. Vaker horen we de contactroep. Hierbij is het blafje meer lang gerekt. Op de 2e opname roepen 2 mannetjes naar elkaar. Als je goed luistert is in het begin van de opname nog een andere roep te horen, die is van het vrouwtje.

 

Biotoop

De steenuil komt meestal in de buurt van mensen voor. Ze broeden dikwijls in holten van rieten daken, daken waar dakpannen kapot zijn, houtstapels en de typisch Hollandse knotwilgen. De laatste tijd broedt de steenuil ook vaak in een broedkast, de steenuilenpijp.
De omgeving waar de steenuil zich prettig voelt is vooral open, agrarisch terrein. Vooral het rivierengebied in Nederland, met zijn vele knotwilgen en fruit-boom- gaarden hebben de voorkeur voor deze uil.
In onze omgeving zie je de steenuil toch meestal rondom boerderijen, het liefst waar hier en daar nog wat ruige rommelhoekjes aanwezig zijn.
De steenuil is een echte standvogel, die het gehele jaar niet verder dan ongeveer 250 meter van zijn broedplaats voorkomt.

Voedsel

De steenuil jaagt voornamelijk in de ochtend- en avondschemering. Het voedsel bestaat uit insecten, vooral mestkevers, slakken en regenwormen. Ook vangen ze regelmatig veldmuizen.

Broeden

Het vrouwtje begint meestal half april met het leggen van 3 tot 5 witte eieren. Na het leggen van het eerste ei begint het vrouwtje meteen met broeden, zodat de jongen verschillend van grootte zijn.
Alleen het vrouwtje broedt, dit duurt ongeveer 28 dagen. Na het uitkomen van de eieren zorgen beide ouders voor het grootbrengen van de jongen. De jongen vliegen na ongeveer 4 tot 5 weken uit. Meestal blijft het bij een broedsel per jaar. Op dit moment wordt het aantal broedparen in Nederland op 800-1000 geschat.

 

Aantallen in Nederland

 

Aantallen in onze omgeving