Inloggen

Login op de site

Gebruikersnaam *
Wachtwoord *
Onthoud mij

sijs g

sijs k  
Sijs, Carduelis spinus, 11 – 12,5 cm

 

Herkenning

De Sijs hoort bij de Vinkenfamilie. Het zijn geelgroene vrij kleine vogels, met een duidelijke dubbele gele vleugelstreep, omgeven door donker. De achterflanken en rug zijn zwaar gestreept, de staart is kort en gevorkt met gele vlekken. Bij het mannetje zijn de kruin en de kin grijs, naarmate de winter vordert, worden deze steeds zwarter. Het vrouwtje is wat fletser, bruingrijzer en sterker gestreept. Zijn niet schuw en kunnen van dichtbij benaderd worden. Dit heeft ze nogal eens in kooitjes doen belanden (lijmstokken). Tijdens het foerageren in de toppen van de bomen, hoor je ze vaak ruziën en kwetteren.

Geluid

Biotoop

 Naaldbossen (vooral sparren), gemengde bossen

Voedsel

Het Sijsje eet graag zaden van de spar, maar anders dan de Kruisbek, kan hij de kegels niet zelf openmaken en moet hij wachten tot de schubben vanzelf openspringen. Eet verder zaden van de els (vooral in de winter), berk, iep, zuring en distel. De zaden worden heel behendig, vaak ondersteboven op een mezenmanier bemachtigd. Bij voedseltekort worden ze ook wel op de voedertafel gezien, ze eten dan vet en pinda’s.

Broeden

Het nest is een keurig gevlochten kom die hoog in een dennenboom ligt. Het is gemaakt van gras, mos, plantenvezels en kleine takjes. Het is bekleed met haar en distelpluis. De drie tot vijf eieren worden alleen door het vrouwtje bebroed. Twee weken broeden en twee weken voeren en de vogels zijn vliegvlug.

Aantallen in Nederland

Aantallen zijn sterk afhankelijk van het voedsel, bij voedselschaarste in het noorden en oosten, komen hier meer Sijsjes overwinteren. Het overwinteringsgebied kan per jaar verschillen. Ook de broedende aantallen verschillen van jaar tot jaar, hoewel het nooit grote aantallen zijn. 500 tot 1200 broedparen, vooral op de Veluwe en Drente.

Aantallen in onze omgeving

Als broedvogel komt de sijs in onze omgeving niet voor.