Inloggen

Login op de site

Gebruikersnaam *
Wachtwoord *
Onthoud mij

boomkruiper1

 

boomkruiper k

Boomkruiper, Certhia brachydactyla, 12 - 13,5 cm

Herkenning

Klein bruin met wit gevlekt vogeltje met een dunne, spitse, iets omlaag gebogen snavel. Met deze snavel haalt de Boomkruiper allerlei insecten tussen de boomschors vandaan. Loopt als een muisje met rukkende bewegingen over de boomstam, maar kan alleen omhoog klimmen en niet omlaag zoals de Boomklever. De stijve staartpennen, die eindigen in twee punten, worden ook gebruikt bij het klimmen. De keel en borst zijn helder wit, de buik is lichtbruin, dit in tegenstelling tot de Taigaboomkruiper, die een witte buik heeft. Het liedje is hoog en omhooggaand, duidelijk anders dan het liedje van de Taigaboomkruiper.

Biotoop

Loofbossen, parken, tuinen, boomrijke steden, liefst met oude bomen, soms ook op muren.

Voedsel

Begint vaak aan de voet van de stam met voedsel zoeken, gaat daarna spiraalsgewijs langs de stam omhoog, om daarna weer naar de voet van de volgende boom te vliegen. Eet voornamelijk insecten en hun larven en spinnen, die tussen de schors zitten. Bij ijzel kan hij niet meer bij zijn voedsel.

Broeden

Maakt zijn nest onder losse boomschors of in boomspleten en heeft dus oud hout met losse boombast nodig. Er worden ook wel Boomkruipernestkasten geplaatst, met de ingang aan de achterkant, bovenin de nestkast. Om Mezen te ontmoedigen liggen er op de bodem slechts twee gekruiste tralies. Het nestmateriaal van de Mezen valt hier doorheen, de Boomkruiper begint altijd met een aantal takken zijn nest te bouwen en die blijven steken op de tralies. Beide ouders bouwen aan het nest, maar het vrouwtje broedt de zes of zeven eieren uit in ruim twee weken. Het mannetje helpt wel weer mee met voeren en na zeventien dagen vliegen de jongen uit. Soms volgt een tweede broedsel.

Aantallen in Nederland

Standvogel, 80.000 tot 120.000 broedparen, heeft zich uitgebreid.

Aantallen in onze omgeving

125 broedparen in 2002 (Maashorst).

© Vogelwacht Uden e.o.