Inloggen

Login op de site

Gebruikersnaam *
Wachtwoord *
Onthoud mij

Van zaterdag 4 juni 2005 tot en met zondag 12 juni 2005 nemen 24 personen deel aan deze excursie.

Algemeen

Schotland is het noordelijke deel van het eiland Groot-Brittannië, en ligt in het noordwesten van Europa. De totale landoppervlakte van Schotland, met inbegrip van de vele eilanden, is 77.213 km2 (incl. binnenwateren 78.764 km2) en is daarmee bijna twee keer zo groot als Nederland. Het vasteland meet van noord naar zuid maximaal 440 km en van oost naar west 248 km. Doordat de 10.000 kilometer lange kust over het algemeen diep is ingesneden, liggen maar weinig plaatsen meer dan 100 km van zee. Het gebied omvat het voormalige koninkrijk Schotland en maakt deel uit van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland. Schotland grenst in het noorden en westen aan de Atlantische Oceaan, in het oosten aan de Noordzee en in het zuiden aan Engeland.

Vogels

Met circa 175 regelmatige broedsoorten is Schotland een mooie vogelbestemming. Vooral de aan de rotskusten broedende zeevogels zijn indrukwekkend, maar ook de vele roofvogels, waaronder visarend en steenarend. Ook de hoenderachtigen als het auerhoen, schots sneeuwhoen en alpensneeuwhoen zijn hier goed vertegenwoordigd. Aan het begin van onze reis vroegen we de deelnemers hoeveel soorten we tijdens deze reis gaan zien. De antwoorden varieerden van 95 tot en met 143. Het bleef tot het laatst toe spannend wie zou winnen. In de volgende verhalen van dag van dag beleven we de competitie van deze “strijd”.

Zaterdag 4 juni 2005

Bekende en onbekende gezichten stapten allemaal met een flinke koffer in de luxe bus die ons naar het vliegveld Dusseldorf-Weeze bracht. De zon scheen! Het weer was ook het overheersende gespreksonderwerp. We waren het snel met elkaar eens dat Schotland geweldig zou zijn, maar het weer? Daar twijfelden we ernstig aan. De helft van mijn kofferinhoud bestond dan ook uit kledingsstukken die met regen te maken hadden en volgens mij was ik niet de enige. We kwamen ruim op tijd op het vliegveld aan. De kleinschaligheid ervan was een verademing. In vergelijking met Schiphol was het veel minder hectisch. De vlucht duurde anderhalf uur, tijd genoeg voor voorzichtige kennismakingsgesprekken. De stewardess gaf uitleg over reddingsvest en zuurstoftoevoer in geval van nood. Haar engels was onverstaanbaar, ze had blijkbaar haast want ze raffelde haar gebruikelijke riedeltje in een recordtempo af. Als alle Schotten zo snel praten zie ik het somber in schoot het door mijn hoofd en als de vogels hier ook sneller vliegen komt er van mijn waarnemingen niets terecht.


Keurig op schema kwamen we op Prestwick aan. Ook hier scheen de zon, wie had dat gedacht! De drie georganiseerde busjes die de komende week ons vervoermiddel zouden zijn werden opgehaald. Comfortabel gingen we op weg naar New Lanark ten oosten van Glasgow. Het landschap was heel weids en heuvelachtig, groene weiden omzoomd door o.a. bloeiende meidoorn. In de verte de wazige heuvels van de borders. We kwamen weer in een stukje lente terecht dat we in Nederland al gehad hadden. De chauffeurs hadden het links rijden snel onder de knie. De rotondes waren even wennen: links er omheen. Maar alles ging prima. Het vogelen kon beginnen! Afhankelijk van welke bus iets ziet moet je voor- of achteruit rijden . Dat was ook het geval toen we een velduil zagen op een paal langs de weg. Vanuit onze auto konden we mooi het prachtig getekende verenkleed en de gele ogen zien. De andere busjes wilden natuurlijk ook iets zien. Achteruit rijden-----keren op het erf van een boer die achterdochtig zwaaiend dit alles bekeek. Toen een aantal vogelaars uitstapten hield de uil het wijselijk voor gezien en vloog laag, met sierlijke vleugelslag, het tegenoverliggende weiland in. Helaas. Maar het was de topwaarneming van de eerste dag. Ondertussen was het behoorlijk laat geworden en onze magen begonnen te knorren. Er werd verteld dat in Schotland altijd wel een eettent open was, soms zelfs vierentwintig uur per dag! Gelukkig was dat ook zo.We vonden een echte fish en chips shop.De Chinese eigenaren kwamen handen tekort toen iedereen eindelijk zijn keuze gemaakt had. Die keuze bleek voor sommigen niet zo goed uitgevallen: de chips waren te slap of de azijn erop beviel niet en de saus over de gebakken vis was ook niet wat men ervan verwacht had. Maar de magen waren in elk geval gevuld. De shop was zo klein dat we de stoeprand buiten als zitplaats gebruikten om alles op te eten. Dat moet een komisch gezicht geweest voor de voorbijgangers.


De bewoners van het dorpje hebben het volgens mij zonder chips moeten stellen. Onze overval met vierentwintig hongerige Nederlanders zal een flinke aanslag op de voorraad van de friteszaak gepleegd hebben. Het was al donker toen we in de jeugdherberg aankwamen in New Lanark. Een prachtig 18e eeuws katoenfabriekdorp, met zorg gerestaureerd. Even kamers indelen, mannen en vrouwen gescheiden. Een prima eerste dag en zo zouden er nog zeven volgen.

Zondag 5 juni 2005

‘s Morgens vroeg opgestaan tegen 6.00 uur, want het was de bedoeling om vroeg aan te rijden. Voor het ontbijt gingen de eerste al naar buiten om te vogelen. Door een enkeling was al een ijsvogel gezien en door meerdere de waterspreeuw die in een stromende beek onder ons hotel van de ene naar de anderen steen sprong.


Dit waren weer leuke waarnemingen na de velduil van de avond daarvoor. Om kwart over zeven zijn we vertrokken naar het plaatsje Anstruther dat aan de oostkust ligt. Onderweg heeft het nog wat geregend maar dat hoort bij Schotland. Onderweg gestopt bij een uitkijkpunt waar men ook de Ford Road Bridge zag liggen. Deze brug heeft 2 oorlogen overleefd. Op dit uitkijkpunt hebben we wulpen en een veldleeuwerik gezien.


Bij de kust aangekomen even snel de auto geparkeerd en over de zee en het strand gekeken. Van daaruit snel weer verder want we wilden op tijd bij de boot zijn. Eerst kwamen we nog bij het verkeerde plaatsje aan, snel verder naar het volgende haventje. Toen bleken we toch nog tijd genoeg te hebben en hebben op ons gemak nog in een cafeetje een kopje koffie kunnen drinken. Een tijd afgesproken om op tijd bij de boot te zijn en van daaruit vertrokkennaar het Isle of May , een vogeleiland. Onderweg naar het eiland werden we al verwend met waarnemingen als platsnuitdolfijn, grijze zeehond, zeekoeten, papegaaiduikers en jan van genten.


Op het eiland werden we onthaald door de Noordse sternen die schijnaanvallen op ons uitvoerden en sommige werden even aangetikt op hun hoofd of kregen gerichte poepspetters op hun kleren.


                                                                                                                                                                Noordse Stern © Vogelwacht Uden e.o.

Op het eiland lopen wandelroutes welke je voeren langs hoge kliffen waar het vol zit met soorten als drieteenmeeuwen, zeekoeten, brilzeekoeten, papegaaiduikers, alken enz.


Alk © Vogelwacht Uden e.o.                                        Zeekoet © Vogelwacht Uden e.o.                               Kuifaalscholver © Vogelwacht Uden e.o.


Papagaaiduiker © Vogelwacht Uden e.o.

Soorten die je bij ons normaliter in Nederland niet of in de winter bij wijze van uitzondering kunt tegenkomen. Op de wadden kun je eiders alleen op afstand tegenkomen en daar zitten ze op 1 meter afstand van het wandelpad te broeden.

Drieteenmeeuw © Vogelwacht Uden e.o.                                                                                     Eidereend © Vogelwacht Uden e.o.

Een geweldige ervaring. Om kwart voor vijf weer naar de boot. De boot heeft nog een rondje om het eiland gevaren om het nog een keer van de andere kant te kunnen laten zien.


Van de boot afgekomen zijn we weer met de auto naar het volgende overnachtingadres gereden in The Burgh Lodge te Falkland.We hebben daar goed te eten gehad (alhoewel het een beetje te gekruid was). Toch goed gevulde magen. Daarna kregen we ontzettende dorst en hebben we een pub opgezocht.


Daar hebben we een lekker biertje gedronken en onder aanvoering van een aangeschoten Ier nog wat liederen gezongen. Maar goed dat hij geen Nederlands kon verstaan. We moesten op tijd terug zijn anders ging de deur op slot van het hotel. Het was een geslaagde dag.  

Maandag 6 juni 2005

Eerst ontbijten om acht uur in The Burgh Lodge en een lang zal ze leven gezongen voor mij, ja ik was jarig. Prachtig weer en rond half negen vertrokken we naar Aviemore, onze volgende verblijfplaats. De reis ging via Birnan, Dunkeld en bij Blairgowrie de bergen in. Een prachtige weg door de bergen, zeer veel bloeiende diepgele stekelbrem en rododendrons. Maar ook zagen we onderweg buizerds, reeën en één fuut. We passeerden meren, bossen en golfterreinen en we zagen een groenling, zwarte mees, vink, grote bonte specht, koolmees, wilde eenden, kokmeeuw en we hoorden een zwartkop en een fitis, ja ja dit alles hielden we bij voor de eindtelling. Aangekomen bij bezoekerscentrum Loch of the Lowes, kon iedereen naar hartelust vinken en koolmezen van dichtbij fotograferen. Maar we kwamen uiteindelijk voor de visarend (osprey in het engels). We konden fantastisch vanaf de tv genieten van de beelden van de visarend op het nest met twee jongen. Wat een prachtige omgeving.


                                                                                                             Visarend © Vogelwacht Uden e.o.

Na een wandeling door het bos gingen we op weg richting Pitlochry. We passeerden de rivier Tay waar we weer reeën zagen. Op een mooie plek bij de rivier Tummel zagen we een zaagbek. Hier hebben we een parkeerplaats opgezocht om alles van dichtbij te kunnen zien. Een visser had een joekel van en zalm gevangen (wat zullen die lekker gegeten hebben ’s avonds). Terwijl we richting zalmtrap liepen zagen we een taiga boomkruiper, goudvink en een grote gele kwikstaart. Ik heb op mijn gemak een foto, nou ja één, kunnen maken van een rouwkwikstaart.

 

Grote Gele Kwikstaart © Vogelwacht Uden e.o.                                                                                        Rouwkwikstaart © Vogelwacht Uden e.o.

Om 12.20 uur weer in de bus op weg. We konden genieten van aan linkerzijde Loch Tay en aan rechterzijde zagen we sneeuw op de Grampian Mountains. We rijden door het nationaalpark Cairngorm Mountains, langs het dorpje Dalwhinnie, het hoogst gelegen dorpje van de hooglanden (362 mtr.). Er was een kleine stokerij, echt iets om even aan te leggen, maar we reden verder en zagen de huiszwaluw, scholekster, kievit, blauwe reiger, kraaien, kokmeeuwen en één roek. Soms werd er groepen “STOPPEN”, twee sijsjes op de draad links en “STOPPEN” een gekraagde roodstaart!!! Om half twee kwamen we aan in Aviemore, een bekende skiplaats die aan de rivier de Spey ligt. Na onze spullen in hostel Aviemore afgeleverd te hebben, gingen we ergens lunchen en daarna zijn we naar Loch Insh gereden.


                                                                                                             Grauwe Vliegenvanger © Vogelwacht Uden e.o.

In Badenoch Way zagen we vanuit de schuilhut een bruine kiekendief en reeën. Een grauwe vliegenvanger liet zich fraai voor de hut fotograferen. Na enkele foto's hebben we een wandeling door het bos gemaakt. ’s Avonds gegeten bij de Italiaan in Aviemore. Het was een geweldige vogeldag.  

Dinsdag 7 juni 2005

Dinsdag stond een bezoek aan de Cairngorm Mountains gepland. Dit is een berggebied in de buurt van Aviemore waar enkele van de hoogste toppen van geheel Groot-Brittannië liggen (Ben Nevis is 1344 m hoog maar behoort niet tot de Cairngorm Mountains). Maar voordat we gingen klimmen heb ik met enkele personen ’s morgens vroeg nog even de omgeving van de jeugdherberg verkend. Hierbij zagen en hoorden we mooi een zingende fluiter. Heel apart om deze soort in een berkenbos te zien terwijl wij gewend zijn om de fluiter tegen te komen in een beuken- of eikenbos. Bij een klein ven in de buurt zat een oeverloper. Waarschijnlijk broedde deze oeverloper hier want ook de volgende dag zagen we deze soort hier rondscharrelen. Na het ontbijt dus naar de Cairngorm Mountains. Door de aanwezigheid van een skilift kom je al een heel eind op hoogte. De laatste honderden meters moet je te voet gaan. Wij zijn hier omhoog geklommen tot ongeveer 1200 meter. Niet iedereen van de groep kon de beklimming aan dus we hebben ons deze dag in twee groepen gesplitst. Het verslag zal grotendeels gaan over de groep die de beklimming heeft uitgevoerd want met deze groep ben ik meegegaan. We zijn dus eerst met de busjes een eind de berg opgereden.


Uiteindelijk kwamen we aan bij de voet van de skilift. Gelukkig was het deze dag stralend mooi weer, we hebben zelfs een heel eind met korte broek kunnen rondlopen. Dit is uitzonderlijk in dit gebied, het grootste gedeelte van het jaar zie je de Cairngorm Mountains in de mist. We hebben onze aanwezigheid meteen laten gelden. Er staat bij de skilift een telefooncel (de hoogste in Schotland) waar we de sticker van de Vogelwacht hebben opgeplakt. Na enkele tientallen meters omhoog lopen zagen we al enkele karakteristieke soorten van dit gebied, een tapuit en een beflijster.


Beflijster © Vogelwacht Uden e.o.

We zien elk jaar bij ons in de Maashorst wel de beflijster maar voor de meeste van ons was het de eerste keer dat je in het broedbiotoop van de beflijster komt. Ze zoeken vooral kale gebieden op met kleine waterstroompjes. Daarna was het echt klimmen geblazen waarbij we niet veel gezien hebben maar waar we wel telkens konden genieten van het schitterende uitzicht. Vele tientallen kilometers ver konden we kijken. Eenmaal boven op de top aangekomen hebben we een tijdje gerust en zijn er veel foto’s gemaakt van de “bergbeklimmers in spe”.

                                                                                                                                                                                                                                                                                             Alpensneeuwhoen © Vogelwacht Uden e.o.

Daarna zijn we rond gelopen waarbij we op hoogte bleven. Vrijwel meteen liep onze ``grote gele kwikstaart`` tegen een alpensneeuwhoen aan. Dit was de soort waarvoor we speciaal deze berg voor opgeklommen waren. Uiteindelijk hebben we er wel een vijftal gezien waarbij een exemplaar op enkele meters van ons vandaan. Hier zijn dan ook talloze mooie foto´s van gemaakt. Aan de andere zijde van de top had je een fantastisch uitzicht over een Loch (fjord). Later zagen we in de jeugdherberg dat dit precies de plaats was die ook door een bekende fotograaf was vastgelegd.


Enkele keren hebben we ook een andere specifieke soort van dit gebeid gehoord, de sneeuwgors. Jammer genoeg hebben we de sneeuwgors niet goed kunnen zien. Ook de morinelplevier stond op ons verlanglijstje maar liet zich die dag niet zien, maar ja, degene die de soort afgelopen najaar in de Maashorst heeft gezien maalt daar niet om (zat toen twee meter van ons af). Tijdens de afdaling kwam er nog een vrouwtje alpensneeuwhoen met enkele jongen voor onze voeten. Het mannetje heeft in het zomerkleed aan de onderzijde nog veel wit maar het vrouwtje is compleet bruin gekleurd en valt nauwelijks op in dit landschap.


  Alpensneeuwhoen © Vogelwacht Uden e.o.

Na de tocht zijn we op ons gemak teruggereden naar Aviemore. Onderweg hebben we nog even gestopt om een prachtige oude dennenboom te fotograferen. Hierbij zagen we op de heide weer een nest van de visarend. `s Avonds hebben we heerlijk uit gegeten waarbij we geluk hadden. We kregen de helft korting. Zo konden we nog enigszins binnen de begroting van 10 Pond per keer blijven. Helaas zou de avond in een kleine mineur eindigen want de beheerder van het jeugdhotel had de grootste moeite met de enkele borreltjes alcohol die we nuttigden.  

Woensdag 8 juni 2005

Nadat we de afgemeten lunch op hadden begon het gevecht in de keuken. Iedereen moest de boterhammen smeren voor zijn lunchpakket. Vandaag hadden we ook circa 30 eieren gekookt voor dit pakket, welke mee gingen op weg naar Loch Garten. Ook hier zou de visarend te zien moeten zijn. Onderweg hebben we gevogeld in de oude bossen en zagen o.a. goudvink, geelgors, sijs en de voor Schotland zeldzame kuifmees. Al rijdend zagen we nog fraai enkele paapjes op de draad zitten. Iets voor tienen kwamen we aan bij het bezoekerscentrum, waardoor we enkele minuten hebben moeten wachten voor het open ging. We verveelden ons niet, de vinken kwamen bijna in aaibereik. Vorig jaar werd vanuit de hut een auerhoen gezien. Volgens de vriendelijke beheerder was deze vogel nu aan het broeden en was het een week geleden dat ze de vogel gezien hadden. Vierentwintig fanatiekelingen zien echter alles en het duurde dan ook geen tien minuten of het mannetje auerhoen was ontdekt. Vanuit de vele telescopen kon de vogel perfect gezien worden.  

Voor mij de eerste keer dat ik deze grootste hoenderachtige zag. Het auerhoen mannetje is zo groot als een gans. De soort bewoont oude naaldbossen en moerassige plaatsen en in 1770 uitgezet in Schotland.
 
Auerhoen © Vogelwacht Uden e.o.

De dag kon al niet meer kapot. Ook hier was de kuifmees te zien en tevens hoorden we de kruisbek en zagen we de visarend. Op dit moment broeden hier geen visarenden. Toch gaat het goed met de visarenden in Groot Brittannië, we hoorden dat er maar liefst 160 paren broeden. Een succesverhaal: in 1916 voor het laatst broedend in Schotland, in 1954 begon het eerste paartje weer te broeden wat in 1980 leidde tot ca. 30 broedparen en nu 160. We besloten om rond Loch Garten te lopen in het oude Scots-pine bos. We zagen een nest taiga-boomkruipers en aan het water kwam een jonge smient uit onze handen het brood pikken. Ook de brilduiker liet zich hier prachtig zien. In het bos gepicknickt, echter niet veel gezien. Op naar Loch Indruip, waar ze vorig jaar de parelduiker gezien hadden. Een prachtige route bracht ons naar dit Loch. Onderweg stopten we bij een heideveld en na enig speuren zagen we een schots sneeuwhoen, alweer een nieuwe soort!! Al zoekend in het veld zagen we pa en ma sneeuwhoen en vijf kuikens, die alle kanten opvlogen. Eén belandde in de knuisten van één van ons. De fototoestellen maakten overuren!!

                                                                                                             Juveniel Schotsneeuwhoen © Vogelwacht Uden e.o.
Het bleef niet bij deze ene waarneming, onderweg overal sneeuwhoenders te zien.

Schotsneeuwhoen © Vogelwacht Uden e.o.

 Bij Loch Indruip aangekomen zagen we na circa vijf minuten prachtig de parelduiker. Van dichtbij zagen we mooi het ruitjespatroon op zijn rug en de verticale witte strepen in zijn nek. Wat een plaatje. Iets verderop was mooi een goudplevier met jongen te zien. Dit leidde tot een ware file op deze smalle weg. Nu zijn de goudplevieren op kleur en is bij de mannetjes prachtig de zwarte borst die overloopt tot in het gezicht te zien. Als we de vogels in Nederland zien is het herfst en zijn de mooie kleuren verbleekt. Op weg naar Carrbridge zagen we een sperwer en heel mooi een mannetje blauwe kiekendief aan het jagen. Een nieuwe soort erbij voor de tellijst. In Carrbridge staat een hele oude brug, waar de waterspreeuw te zien is.

                                                                                                                                                               Waterspreeuw © Vogelwacht Uden e.o.

Ook deze is op de gevoelige plaat vastgelegd. Rond half zes waren we weer op de thuisbasis, waarna we weer met z’n allen in Aviemore gegeten hebben. Aan een prachtige en vermoeiende dag kwam weer een eind.

Donderdag 9 juni 2005

Vandaag een lange reisdag! We gingen verkassen van Aviemore naar Ullapool. We vertrokken in zuidelijke richting om na een half uur rijden het startdorp weer in noordelijke richting voorbij te rijden. Na Inverness kwamen we in een stukje rode wouwen gebied, waar ineens geen buizerd te zien meer was maar tevens nog wel de eerste bonte kraai. In the Middle of Nowhere werd, na een paar uur rijden, de auto opgeschrikt met de mededeling: “Hier is de kroeg". Nu is er in the middle of Nowhere vaak weinig te doen maar toch werd er na het verpozen nog even de robotap gezien en een watersnipje geklopt. Het volledig misplaatste bord “links rijden AUB” [in 6 talen] werd opgezomerd met een Vogelwacht Uden sticker waarna wij onze weg vervolgden naar Ullapool.


Eindelijk aan de westkust aangekomen mochten we nog niet in de jeugdherberg en besloten nog een paar honderd kilometer te gaan rijden om wat soorten te scoren. Langs de Fjorden af hebben we heel interessante dingen gezien. Zo kwamen we ineens in het “tapuitenland”: waar je ook keek zag je tapuiten, sommige digiscopers moesten zelfs hun telescoop demonteren, zo dichtbij zaten ze.


Juveniel Tapuit © Vogelwacht Uden e.o.

Één kilometer verder, over de prachtige kust uitkijkend, werden de eerste bontbekplevieren gezien maar ook de zwarte zeekoet, groepjes roodkeelduikers, kuifali’s, zeekoeten en jan-van-genten. Totdat de groep ineens werd opgeschrikt door jagers!!! Snel daarna konden we de grote en kleine jager bijschrijven. Fantastisch, hoe deze jagers meeuwen achtervolgden om prooien afhandig te maken! Maar voor mij lag de schoonheid vandaag toch in iets kleins: de prachtige kleur van de snavel van de bontbekplevieren: Thuisgekomen ben ik direct naar de Gamma gegaan en gevraagd naar 5 liter muurverf in de kleur bontbekpleviersnaveltjes oranje, waarna de kassajuffrouw vroeg: “wilt u de adult of de juveniel?” “Doe mij maar het adult mannetje in zomerkleed”, zuchtte ik. Hoe zo’n korte vakantie je leven kan veranderen!

Vrijdag 10 juni 2005

Dit verslag begint al heel vroeg op de dag. Er was de voorgaande avond live muziek in de Seaforth, de plek waar we ons avondeten hadden. Dit mochten we natuurlijk niet missen. Door de gezelligheid hielden we de tijd niet meer in de gaten, met als gevolg dat we bij de hostel voor een gesloten deur stonden. Gelukkig bracht een hostelgast hier verlossing door voor ons de deur open te maken.

Vrijdag stond een bezoek aan Handa Island op het programma. Na het ontbijt werd vertrokken in noordelijke richting. Handa ligt op ongeveer 1 uur rijden vanaf Ullapool. De tocht naar Handa voert door een spectaculair landschap.

 In deze omgeving broeden ook steenarenden, de horizon werd dus scherp in de gaten gehouden. Bij Kalesku bridge werd een kleine stop ingelast voor foto’s. Hier werd een koekoek in de verte gehoord. Na een uur kwamen we aan in Tarbert, vanuit hier vertrekt de boot richting Handa Island. De boot kan maximaal 14 passagiers vervoeren. We maakten de overtocht in 2 groepen. Eenmaal aangekomen op Handa kregen we een uitleg van wat er allemaal te zien was op Handa van één van de vrijwillige rangers. Ook aan de historie van het eiland werd aandacht geschonken.  


Handa Island is het zuidelijkste punt waar de grote en kleine jager broeden. Voornamelijk voor deze 2 soorten werd er een bezoek gebracht aan dit eiland. Natuurlijk broeden hier ook andere zeevogels zoals de zeekoet, papegaaiduiker, kuifaalscholver en alk.


Het weer was zoals de voorgaande dagen prachtig. Al snel werden de eerste jagers waargenomen.


Grote Jager © Vogelwacht Uden e.o.

De grote jagers waren veruit in de meerderheid, maar er werden ook kleine jagers gezien in zowel lichte als donkere vorm.


Kleine Jager (donkere vorm) © Vogelwacht Uden e.o.                                                                         Kleine Jager (lichte vorm) © Vogelwacht Uden e.o.

Na een dik half uur lopen kwamen we aan bij de eerste kliffen. Deze steken zo’n 120 meter boven de zeespiegel uit. Hier broeden de zeevogels. Vele zeekoeten en alken.

Noordse Stormvogel © Vogelwacht Uden e.o.

De noordse stormvogels maken hier dankbaar gebruik van de opwaartse wind die wordt veroorzaakt door de kliffen. Verder op een meertje op het eiland zat een roodkeelduiker. Helaas te ver voor foto’s. Er broeden ook papegaaiduikers op het eiland, en inderdaad na een kwartier lopen zagen we de eerste exemplaren. Ook hier vele zeekoeten en alken, ook zagen we hier de brilzeekoet. Het pad voerde nu verder over houten vlonders, hier vonden we een hagedis.
 
                                                                                                            Schots Sneeuwhoen © Vogelwacht Uden e.o.

Deze liet zich mooi fotograferen, ik weet echter nu nog steeds niet tot welke soort deze behoorde. Terug bij de ruines van het oude dorpje zaten 2 schotse sneeuwhoenders. Ook werd hier een rietzanger gehoord. Het liep al tegen 3 uur en het was tijd om weer terug te gaan. De eerste groep was al vertrokken met de boot, na ongeveer een kwartier konden ook wij instappen om terug naar het vasteland te keren. Onderweg zagen we nog van dichtbij enkelen zwarte zeekoeten.

De weg terug naar Ullapool werd gereden langs de kust. Dit is een smalle weg waar je net met een busje doorheen kan. Met af en toe hellingen van 25% is dit een spectaculaire tocht. Halverwege werd gemeld dat één van de busjes problemen had. Er bleef een geel lampje branden. Na onderzoek bleek dat dit een melding was dat de remblokken binnenkort vervangen moesten worden. Geen probleem dus en er werd doorgereden. Een kwartier verder werd een roodkeelduiker waargenomen.


                                                                                                             Roodkeelduiker © Vogelwacht Uden e.o.

Deze zat niet ver weg, er werd dus gestopt voor een foto sessie. Nu werd ook een tweede roodkeelduiker gezien. Eén van de duikers begaf zich op een klein eilandje, hier hadden ze een nest. Er werden leuke foto’s gemaakt. De tijd begon te dringen en we besloten om het tweede gedeelte langs de kust over te slaan. Ullapool lag nu nog op 45 minuten rijden. Het was inmiddels 18.30 uur, er moest dus doorgereden worden wilden we nog een hapje kunnen eten.

Aangekomen in Ullapool moesten we nog boodschappen doen voor het ontbijt de volgende dag. Ondanks dit konden we toch nog op tijd aanschuiven in de Seaforth voor een lekkere vismaaltijd. Diezelfde avond was er wederom een live band wat weer resulteerde in een late terugkomst bij de Hostel.

Zaterdag 11 juni 2005

Na een goede nachtrust word ik om half acht wakker en worden mijn neusvleugels getest op een heerlijke baklucht. En als ik op de overloop kom hangt er al een wolk van ham en eggs in de lucht. Ons "Goudhaantje" had die avond daarvoor beloofd om eieren te bakken en die waren volop ingeslagen met de benodigde ham natuurlijk. Nadat ik me met een nat washandje geteisterd had ging ik naar beneden en in de keuken was het zicht enigszins beperkt door de dikke lucht.


Na een overheerlijk ontbijt de koffers inpakken dat gedurende de reis steeds makkelijker en sneller gaat onder het motto als de rits maar dicht gaat. We vertrekken met onze busjes vanuit Ullapool zuidwaarts naar Loch Lomond het grootste meer van Schotland waar we de volgende nacht zullen doorbrengen. Onderweg opvallend veel koekoeken die op zoek waren naar gastouders die zich echter schuil hielden. Na wat drinken gekocht te hebben voor de nadorst reden wij verder door het mooie schotse landschap wat elke keer weer verrassende vergezichten voorschotelde. Zes raven kwamen in zicht en lieten zich goed bekijken. In Kishorn werd nog koffie genuttigd met iets lekkers. Na het verzamelen van wat schelpen waarvoor een kleine bijdrage werd gevraagd waren de zakken weer gevuld. Bij Eilean was een mooi kasteel te bewonderen en werd een plaspauze ingelast.


Via de A87 en de A82 naar Fort William waar we in een soort Mac Donald terecht kwamen voor een lichte lunch. Om half vijf kwamen we aan bij Glen Coe waar we na een gevaarlijke manoeuvre op een parkeerplaats gingen kijken of er nog een steenarend te zien was. Na met de verrekijker de bergen afgekeken te hebben leek er aan de rechterkant van een berg een steen te zijn die op een steenarend leek. Na wat gelach en eens goed door de op dat moment enige beschikbare telescoop te kijken begon die steen warempel te bewegen. Ik heb gedurende de reis de groep vogelaars niet zo snel zien reageren en al snel stonden zowaar twintig telescopen in de aanslag om het een en ander gade te slaan. Even later kwam een deltavlieger de pret bederven en die vloog over de steenarend die daarna aan de andere kant van de berg wegvloog (over een BBZetje gesproken). Dat werd dus weer inpakken en wegwezen voor het laatste stukje naar Rowardennan gelegen aan Loch Lomond waar we tegen de avond aankwamen. Na het eten even een korte wandeling gemaakt langs het meer en door de bossen. Het was al een beetje laat geworden en we besloten met een delegatie toch nog even naar een nabij gelegen hotel met een volgens ons gezellig barretje te lopen. De tijd (22.30 uur) begon al te dringen want om half twaalf moesten we terug zijn anders was de deur op slot..Het was een niet te slagen missie maar we gingen er voor en eenmaal in de bar was tijd niet meer belangrijk en de live muziek was goed en de gezelligheid niet minder. Half twaalf was niet meer te halen en de dag lijkt te eindigen zoals die begonnen was. Bij de jeugdherberg aangekomen was de deur overigens gewoon open en werden we nog getrakteerd op een gedicht van de portier en een blokfluitconcertje onder het genot van een of ander drankje. Daarna maar weer het bed ingedoken na weer een fantastische dag.

Zondag 12 juni 2005

Aan alles komt een einde. De laatste dag weer in Schotland. Wat jammer dat we niet langer in Rowardennan kunnen blijven, een prachtige omgeving. Alleen al een bezoek aan Schotland waard.

Na bepakt en bezakt te zijn ging de karavaan richting Prestwick. We waren iets te vroeg in Prestwick zo dat werd besloten om nog even langs de zee te kijken voor nieuwe soorten. Het begon te regenen, de eerste regen van betekenis. We hebben gedurende een week prachtig weer gehad, Schotland-onwaardig. Netjes op tijd waren we op de luchthaven. Auto’s inleveren en we konden vertrekken. In Weeze moesten we even wachten op onze bus. Moe maar voldaan vertrokken we naar de Groenhoeve waar het thuisfront ons stond op te wachten. Helaas aan een geweldige week vogelen is weer een eind gekomen. Benieuwd wat volgend jaar gaat brengen.

Waarnemingen

Zoals gezegd maar liefst 127 vogelsoorten stonden na een week op onze streeplijst. Hierbij de totaallijst:

Roodkeelduiker, parelduiker, dodaars, noordse stormvogel, noordse pijlstormvogel, jan van gent, kuifaalscholver, aalscholver, blauwe reiger, knobbelzwaan, grauwe gans, canadese gans, bergeend, smient, wilde eend, wintertaling, kuifeend, eider, brilduiker, middelste zaagbek, grote zaagbek, rode wouw, blauwe kiekendief, bruine kiekendief, sperwer, buizerd, steenarend, visarend, torenvalk, smelleken, alpensneeuwhoen, schots sneeuwhoen, patrijs, fazant, meerkoet, scholekster, bontbekplevier, goudplevier, kievit, wulp, tureluur, groenpootruiter, oeverloper, watersnip, grote jager, kleine jager, kokmeeuw, stormmeeuw, drieteenmeeuw, zilvermeeuw, grote mantelmeeuw, kleine mantelmeeuw, grote stern, visdief, noordse stern, zeekoet, alk, zwarte zeekoet, papegaaiduiker, houtduif, rotsduif, turkse tortel, koekoek, velduil, gierzwaluw, grote bonte specht, veldleeuwerik, oeverzwaluw, boerenzwaluw, huiszwaluw, oeverpieper, boompieper, graspieper, rouwkwikstaart, grote gele kwikstaart, waterspreeuw, winterkoning, heggemus, roodborst, gekraagde roodstaart, paap, roodborsttapuit, tapuit, beflijster, merel, zanglijster, grote lijster, rietzanger, tuinfluiter, grasmus, zwartkop, fluiter, fitis, tjiftjaf, goudhaan, grauwe vliegenvanger, kuifmees, pimpelmees, koolmees, zwarte mees, staartmees, taiga boomkruiper, spreeuw, gaai, ekster, kauw, raaf, zwarte kraai, bonte kraai, roek, ringmus, huismus, vink, sijs, groenling,putter, goudvink, barmsijs, kneu, kruisbek, geelgors, rietgors, zwarte zee-eend, ijsvogel, fuut, sneeuwgors, auerhoen.

© Vogelwacht Uden e.o.